ECLI:NL:RVS:2020:1303
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- H.J.M. Baldinger
- B. Meijer
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over vreemdelingenbewaring en afwijzing beroep staatssecretaris
Bij besluit van 12 maart 2020 is de vreemdeling in vreemdelingenbewaring gesteld. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling tegen deze maatregel gegrond en kende schadevergoeding toe. De staatssecretaris stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak.
De kern van het geschil betrof de vraag of er zicht was op uitzetting binnen een redelijke termijn naar de Republiek Congo. De rechtbank had geoordeeld dat dit niet het geval was, maar de Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat de staatssecretaris dit zicht voldoende had onderbouwd met een verslag van een presentatie waarin een toezegging van de consul was opgenomen over het verstrekken van een laissez-passer zodra vluchtgegevens bekend zijn.
De Afdeling vernietigde daarom het vonnis van de rechtbank en beoordeelde het beroep zelf. De vreemdeling betwistte de zware grond voor bewaring, maar de Afdeling oordeelde dat de maatregel op voldoende gronden berustte. Het beroep van de vreemdeling werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd.