ECLI:NL:RVS:2020:1410
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhavingsbesluit tegen illegale bouwwerken op recreatiepark De Rooye Asch
Het college van burgemeester en wethouders van Gemert-Bakel legde aan appellant een last onder dwangsom op om een recreatieverblijf en een vrijstaande berging met overkapping te verwijderen, omdat deze zonder omgevingsvergunning in strijd met het bestemmingsplan waren geplaatst. Appellant betwistte de bevoegdheid tot handhaving, stellende dat het recreatieverblijf een vergunningvrije stacaravan zou zijn volgens de destijds geldende Kampeerwet en Woningwet.
De rechtbank oordeelde dat het recreatieverblijf in 1985 en na uitbreiding in 1991 niet als vergunningvrije caravan kon worden aangemerkt, omdat het niet bestemd en geschikt was om regelmatig over de weg te worden vervoerd. Ook het overgangsrecht bood geen grond voor vergunningvrijstelling. Het college was daarom bevoegd handhavend op te treden. Appellant voerde tevens aan dat het gelijkheidsbeginsel werd geschonden omdat het college niet handhavend zou optreden tegen illegale bouwwerken van de eigenaar van het recreatiepark.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State bevestigt de uitspraak van de rechtbank. Zij oordeelt dat het college terecht prioriteiten stelt in handhaving en dat het niet onredelijk is dat illegale bouwwerken binnen bepaalde bestemmingen een lagere prioriteit krijgen. Het college heeft bovendien handhavend opgetreden tegen illegale bouwwerken van de eigenaar binnen het recreatiepark. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalt. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het handhavingsbesluit bevestigd.