ECLI:NL:RVS:2020:1496
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- B.P. Vermeulen
- A.J.C. de Moor-van Vugt
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit overschrijdingsregeling salariskosten bovenschoolse directie
Het geschil betreft de toepassing van de overschrijdingsregeling in het primair onderwijs voor de periode 2001-2005, waarbij het college van burgemeester en wethouders van Borger-Odoorn een overschrijdingsbedrag vaststelde ten gunste van het bijzonder basisonderwijs. Gedeputeerde staten wijzigde dit besluit en stelde het overschrijdingsbedrag op nihil, waarbij een deel van de salariskosten van de bovenschoolse directie als administratie-, beheer- en bestuurskosten (ABB) buiten de regeling werd gehouden.
De rechtbank oordeelde deels in het voordeel van Primenius, maar verklaarde het beroep verder ongegrond. In hoger beroep stelde Primenius dat de bovenschoolse directie uitsluitend werkzaamheden verrichtte voor het openbaar onderwijs en niet voor de gemeente als lokale overheid, zodat de salariskosten niet als ABB-kosten mochten worden aangemerkt. Daarnaast betwistte zij de juistheid van de vastgestelde ontvangsten.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de bovenschoolse directie geen verwevenheid vertoont met gemeentelijke taken en dat de salariskosten daarom onder de overschrijdingsregeling vallen. Het college van gedeputeerde staten had deze kosten ten onrechte buiten beschouwing gelaten. De Afdeling vernietigde het besluit van gedeputeerde staten en het deel van de uitspraak van de rechtbank dat dit bevestigde, en beval een nieuw besluit. Het betoog over de ontvangsten werd verworpen. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het besluit van het college van gedeputeerde staten wordt vernietigd en het college wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen waarin de salariskosten van de bovenschoolse directie worden betrokken.