ECLI:NL:RVS:2020:1511
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens niet verstreken beslistermijn asielaanvraag
De vreemdeling stelde beroep in tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn aanvraag om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De aanvraag dateert van 11 mei 2018, en het beroep werd ingesteld op 28 november 2019.
De staatssecretaris voerde aan dat het beroep niet-ontvankelijk was omdat de beslistermijn nog niet was verstreken. Dit werd onderbouwd met het besluit- en vertrekmoratorium voor asielzoekers met de Libische nationaliteit, dat sinds 1 juli 2019 gold voor zes maanden, waardoor de beslistermijn verlengd werd tot maximaal 21 maanden.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de staatssecretaris terecht stelde dat hij ten tijde van de ingebrekestelling van 13 november 2019 nog niet verplicht was te beslissen. Hierdoor was de staatssecretaris niet in gebreke en was het beroep niet-ontvankelijk verklaard. Een proceskostenveroordeling werd niet opgelegd.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat de beslistermijn nog niet was verstreken.