ECLI:NL:RVS:2020:1585
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake urgentieverklaring woningnood alleenstaande moeder
Het college van burgemeester en wethouders van Amstelveen wees de aanvraag van een alleenstaande moeder om een urgentieverklaring af wegens het ontbreken van een aantoonbaar urgent huisvestingsprobleem en het bestaan van een voorliggende voorziening. De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep van de moeder gegrond en beval het college tot toekenning van de urgentieverklaring, mede vanwege de gescheiden woonsituatie met haar baby en de beperkte sociale binding.
Het college stelde hoger beroep in bij de Raad van State, stellende dat de rechtbank feiten aannam die niet waren onderzocht en dat de moeder hulp en opvang had geweigerd. De Raad van State oordeelde dat het college terecht de aanvraag had afgewezen omdat de moeder haar huisvestingsprobleem redelijkerwijs kon oplossen door gebruik te maken van voorliggende voorzieningen en ondersteuning van het Sociaal Team, welke zij weigerde.
De Raad van State vernietigde de uitspraak van de rechtbank, verklaarde het hoger beroep van het college gegrond en het beroep van de moeder ongegrond. Het collegebesluit bleef daarmee in stand en de zaak werd beëindigd zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van de moeder wordt ongegrond verklaard en het besluit van het college tot afwijzing van de urgentieverklaring blijft in stand.