ECLI:NL:RVS:2020:163
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens gewijzigde positie Hazara in Afghanistan
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 22 mei 2019 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond in juli 2019. De vreemdeling stelde hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling beoordeelde de rechtsvraag over de positie van de Hazara in Afghanistan, zoals eerder beantwoord in een uitspraak van 18 december 2019 (ECLI:NL:RVS:2019:4202). Op basis hiervan oordeelde de Afdeling dat het hoger beroep gegrond is en vernietigde zowel het besluit van de staatssecretaris als de uitspraak van de rechtbank.
De Afdeling bepaalde dat de staatssecretaris opnieuw moet beslissen over de aanvraag, rekening houdend met de actuele feiten en omstandigheden. Verder veroordeelde de Afdeling de staatssecretaris tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling, die geheel toerekenbaar zijn aan beroepsmatige rechtsbijstand.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning asiel wordt vernietigd en de staatssecretaris moet opnieuw beslissen.