ECLI:NL:RVS:2020:1634
Raad van State
- Herziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot herziening uitspraak bestuursrechtelijke bestemmingsplannen
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft op 15 juli 2020 uitspraak gedaan over het verzoek van verzoekster om herziening van de uitspraak van 23 oktober 2019. In die eerdere uitspraak was het beroep van verzoekster tegen het bestemmingsplan "Buitengebied Zederik" niet-ontvankelijk verklaard en het beroep tegen het bestemmingsplan "Reparatieplan Buitengebied" ongegrond.
Verzoekster had twee afzonderlijke verzoeken om herziening ingediend, waarbij de Afdeling griffierecht had geheven en uiteindelijk besloot het teveel betaalde griffierecht terug te betalen. De herziening werd beoordeeld aan de hand van artikel 8:119 van Pro de Algemene wet bestuursrecht, dat herziening mogelijk maakt indien nieuwe feiten of omstandigheden die voor de uitspraak plaatsvonden en niet bekend waren, tot een andere uitspraak zouden kunnen leiden.
De Afdeling oordeelde dat verzoekster geen nieuwe feiten of omstandigheden had aangevoerd die aan deze criteria voldeden. Daarnaast maakte het verzoek om herziening niet dat de bestemmingsplannen niet onherroepelijk waren of dat de procedure nog niet was afgerond. Het verzoek werd daarom afgewezen en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek tot herziening van de uitspraak wordt afgewezen en het teveel betaalde griffierecht wordt terugbetaald.