ECLI:NL:RVS:2020:1671
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging belanghebbendheid bij omgevingsvergunning klimrots nabij perceel
Karting Eefde exploiteert een kartbaan, klimpark en survivalbaan op een perceel te Eefde. Het college van burgemeester en wethouders van Lochem verleende op 25 juli 2017 een omgevingsvergunning voor het bouwen van een 12 meter hoge klimrots ten behoeve van de survivalbaan. De klimwand bevindt zich circa 15 meter van het perceel van [wederpartij], die eigenaar is van een nabijgelegen perceel en dit perceel verhuurt aan een stichting.
Het college verklaarde het bezwaar van [wederpartij] tegen de vergunning niet-ontvankelijk omdat hij volgens het college geen belanghebbende zou zijn. De rechtbank Gelderland oordeelde echter dat [wederpartij] wel belanghebbende is, omdat zijn perceel gelijkgesteld kan worden met een aangrenzend perceel en er feitelijke gevolgen van enige betekenis kunnen zijn.
Het college stelde in hoger beroep dat de rechtbank ten onrechte niet had meegewogen dat de klimwand door bomen nagenoeg aan het zicht onttrokken wordt en dat er geen gevolgen van betekenis zijn voor [wederpartij]. De Raad van State overwoog dat de foto’s aantonen dat de klimwand vanaf het perceel van [wederpartij] goed zichtbaar is en dat het planten van bomen voor toekomstige zichtbeperking niet relevant is voor het moment van het bezwaarbesluit.
De Raad van State bevestigt daarom de uitspraak van de rechtbank en verklaart het hoger beroep ongegrond. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt dat [wederpartij] belanghebbende is en verklaart het hoger beroep van het college ongegrond.