ECLI:NL:RVS:2020:1676
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen plaatsingsplan ondergrondse restafvalcontainers in Schiedam
Het college van burgemeester en wethouders van Schiedam stelde op 17 september 2019 een plaatsingsplan vast voor ondergrondse restafvalcontainers (ORAC's) in de wijken Sveaparken, Spaland en Kethel. Appellanten, wonend nabij de locatie Kalixfors tegenover huisnummer 3, maakten bezwaar tegen deze locatie vanwege mogelijke overlast, waardevermindering van woningen en verkeersbewegingen.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het college bij de locatiekeuze een redelijke belangenafweging heeft gemaakt. De afstand tussen de ORAC en de woningen (12-19 meter), het gebruik van een volmeldsysteem en handhaving tegen afvalzakken beperken de overlast. Er is geen voldoende aannemelijk bewijs dat de woningwaarde zal dalen en het college is niet verplicht onderzoek te doen naar waardevermindering.
Ook de toename van verkeersbewegingen werd als acceptabel beoordeeld, mede omdat de meeste inwoners lopend naar de ORAC zullen gaan. Het door appellanten aangedragen alternatieve locatie op de hoek van Degerfors/Kalixfors werd niet als zodanig geschikter beschouwd dat het college deze had moeten verkiezen. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het plaatsingsplan voor ondergrondse restafvalcontainers in Schiedam wordt ongegrond verklaard.