ECLI:NL:RVS:2020:1725
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen overdracht vreemdeling in hoger beroep
De vreemdeling had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid op 25 februari 2020 niet in behandeling werd genomen. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling tegen deze beslissing op 6 juli 2020 ongegrond. Hiertegen stelde de vreemdeling hoger beroep in en verzocht tegelijkertijd de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter overwoog dat de staatssecretaris zich niet verzette tegen het verzoek om de voorlopige voorziening. Daarom werd bepaald dat de vreemdeling niet wordt overgedragen voordat op het hoger beroep is beslist. Tevens werd de staatssecretaris veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling, die verband houden met de behandeling van het verzoek om voorlopige voorziening.
De uitspraak werd gedaan door voorzieningenrechter A.W.M. Bijloos op 22 juli 2020. De proceskosten werden vastgesteld op €525,00, geheel toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
Uitkomst: De vreemdeling wordt niet overgedragen totdat op het hoger beroep is beslist en de staatssecretaris moet proceskosten vergoeden.