ECLI:NL:RVS:2020:1726
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen overdracht vreemdeling in hoger beroep verblijfsvergunning asiel
De vreemdeling had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de staatssecretaris op 18 mei 2020 niet in behandeling werd genomen. Hiertegen stelde de vreemdeling beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 2 juli 2020 het beroep ongegrond verklaarde. De vreemdeling ging vervolgens in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en verzocht tegelijkertijd om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter overwoog dat de vreemdeling verzocht had om te voorkomen dat hij zou worden overgedragen voordat het hoger beroep was beslist. De staatssecretaris verzette zich niet tegen dit verzoek, waardoor de voorzieningenrechter besloot de voorlopige voorziening toe te wijzen.
Daarnaast werd de staatssecretaris veroordeeld tot het vergoeden van de proceskosten van de vreemdeling, die bestonden uit kosten voor beroepsmatige rechtsbijstand door een derde partij, ter hoogte van €525,00. De uitspraak werd gedaan op 22 juli 2020 door voorzieningenrechter A.W.M. Bijloos, in aanwezigheid van griffier D. van Leeuwen.
Uitkomst: De vreemdeling wordt niet overgedragen totdat op het hoger beroep is beslist en de staatssecretaris moet proceskosten vergoeden.