ECLI:NL:RVS:2020:1815
Raad van State
- Hoger beroep
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- G.M.H. Hoogvliet
- A.J.C. de Moor-van Vugt
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en bevestiging besluiten omgevingsvergunning aanleg agrarische paden in Zoeterwoude
In deze bestuursrechtelijke zaak gaat het om de omgevingsvergunningen verleend door het college van burgemeester en wethouders van Zoeterwoude voor de aanleg van een kavelpad en twee agrarische paden op het perceel van appellant sub 4, een melkveehouderij met kaasmakerij. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft bij tussenuitspraak het college opgedragen de gebreken in de besluiten van 15 februari en 14 maart 2017 te herstellen door een nadere motivering.
Het college heeft op 28 januari 2020 de besluiten voorzien van een nadere motivering waarin het de landelijke en natuurlijke waarden van het gebied heeft betrokken, waaronder het bestemmingsplan, het Beeldkwaliteitplan en adviezen van de Omgevingsdienst. Het college concludeerde dat de paden geen onevenredige aantasting van deze waarden veroorzaken en dat het belang van appellant sub 4 bij de bereikbaarheid en hygiëne zwaarwegend is.
Appellanten sub 2 en sub 3 voerden aan dat de motivering onvoldoende is, dat de paden langer zijn dan noodzakelijk en dat alternatieven niet zijn onderzocht. De Afdeling oordeelt dat het college voldoende eigen afweging heeft gemaakt en dat de bezwaren niet leiden tot vernietiging van de besluiten, behalve voor het agrarisch pad van 6 meter waarvoor de rechtbank ten onrechte het beroep niet-ontvankelijk had verklaard.
De Afdeling verklaart de beroepen van appellant sub 2 en sub 3 gegrond en vernietigt het besluit van 15 februari 2017 voor zover het betrekking heeft op het agrarisch pad van 6 meter. De overige besluiten blijven in stand. Tevens veroordeelt de Afdeling het college tot vergoeding van proceskosten aan appellant sub 2 en vergoedt griffierechten aan appellanten sub 2 en sub 3.
Uitkomst: De Raad van State vernietigt het besluit voor het agrarisch pad van 6 meter en bevestigt de overige besluiten met proceskostenvergoeding aan appellanten.