ECLI:NL:RVS:2020:2092
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- C.M. Wissels
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Bevestiging sluiting woning wegens hennephandel ondanks betwisting overtreder en belangenafweging
De burgemeester van Kerkrade sloot op 20 februari 2018 een woning van appellant voor twintig weken nadat de politie op 12 december 2017 in die woning een grote hoeveelheid hennep, een stroomstootwapen, een airsoftwapen en een patroon aantrof. Na onderzoek bleek de aangetroffen witte substantie geen harddrugs, waarna de sluitingsduur werd herzien tot twee maanden. Appellant betwistte zijn rol als overtreder en stelde dat de burgemeester had moeten volstaan met een waarschuwing, omdat er geen aanwijzingen waren voor ernstige verstoring van de openbare orde.
De rechtbank Limburg verklaarde het beroep van appellant ongegrond en de Raad van State bevestigt deze uitspraak. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat appellant het betoog dat hij niet als overtreder kan worden aangemerkt niet tijdig heeft ingebracht en dat de burgemeester terecht op grond van het Damoclesbeleid en de Opiumwet tot sluiting heeft besloten. De burgemeester baseerde zich op meerdere indicatoren, waaronder de hoeveelheid hennep, eerdere drugsvondsten in de omgeving en de aanhouding van de huurder met contant geld en hennep.
Verder is geoordeeld dat de burgemeester voldoende rekening heeft gehouden met de belangen van appellant, die zijn woning had verkocht en de huurovereenkomst had opgezegd. De sluiting van twee maanden is proportioneel geacht gezien de doelen van het besluit, zoals het tegengaan van drugshandel en het beschermen van de openbare orde en veiligheid. De Afdeling ziet geen aanleiding tot het toekennen van proceskosten en verklaart het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de sluiting van de woning voor twee maanden wegens hennephandel.