ECLI:NL:RVS:2020:2319
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- J.A. Hagen
- R.J.J.M. Pans
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep overschrijdingsregeling openbaar basisonderwijs gemeente Westerwolde
Het geschil betreft de overschrijdingsregeling uit de Wet op het primair onderwijs (Wpo), waarbij een gemeente die meer uitgaven doet voor personeel en materiële instandhouding van openbare basisscholen dan aan rijksbijdragen is ontvangen, een overschrijdingsuitkering moet doen aan bijzondere scholen.
Het college van burgemeester en wethouders van Westerwolde stelde in 2015 het overschrijdingsbedrag over 2006-2010 op nihil vast. Stichting Primenius stelde administratief beroep in, waarna gedeputeerde staten in 2017 het besluit vernietigden en opnieuw vaststelden, eveneens op nihil. De rechtbank verklaarde het beroep van Primenius gegrond en vernietigde het besluit van gedeputeerde staten, met instructie tot nieuw besluit.
In hoger beroep vernietigt de Raad van State het oordeel van de rechtbank dat het verschil tussen het eindsaldo 2005 en beginsaldo 2006 bij de overschrijdingsberekening had moeten worden betrokken. Tevens vernietigt de Raad het besluit van 2019 van gedeputeerde staten voor zover daarin de rente van een fictieve lening niet juist is meegenomen. De Raad stelt de rente vast op €49.850 en het overschrijdingspercentage op 0,31%. Het overige deel van het vonnis van de rechtbank wordt bevestigd.
De uitspraak verduidelijkt de toepassing van de overschrijdingsregeling, de berekening van uitgaven en ontvangsten, en de motivering die bestuursorganen dienen te geven bij vaststelling van overschrijdingsbedragen.
Uitkomst: De Raad van State vernietigt deels het vonnis van de rechtbank en het besluit van gedeputeerde staten, stelt het overschrijdingsbedrag op €49.850 en het overschrijdingspercentage op 0,31% vast.