ECLI:NL:RVS:2020:2435
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing handhavingsverzoek tegen gebruik licht- en geluidsinstallaties sportpark
Het geschil betreft het handhavingsverzoek van appellant tegen het gebruik van licht- en geluidsinstallaties op een sportpark te Enschede. Het college had dit verzoek afgewezen en het bezwaar ongegrond verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en deze uitspraak is in hoger beroep bevestigd.
Appellant stelde dat het college ten onrechte niet handhavend optrad tegen de bouw van lichtmasten, omdat de verleende omgevingsvergunning volgens hem onrechtmatig was. De Raad van State oordeelde echter dat het college mocht uitgaan van de geldigheid van de omgevingsvergunning, ook al was daartegen bezwaar gemaakt.
Voorts betoogde appellant dat het college onvoldoende onderzoek had gedaan naar de lichthinder op zijn perceel en dat het lichtrapport onvolledig was. De Raad van State stelde dat het meetrapport een worstcasescenario beschreef en dat de gemeten waarden ruim onder de grenswaarden van de NSVV-richtlijn bleven, zodat het college niet bevoegd was handhavend op te treden.
Ten slotte wees de Raad van State het formele bezwaar af dat er geen geluidsopname van de zitting was gemaakt, aangezien de Awb dit niet voorschrijft. De uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd en het hoger beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.