ECLI:NL:RVS:2020:2707
Raad van State
- Verzet
- D.A.C. Slump
- B.P.M. van Ravels
- E.J. Daalder
- Rechtspraak.nl
Onbevoegdverklaring Afdeling bestuursrechtspraak inzake hoger beroep en verzet
Opposant heeft meerdere keren hoger beroep ingesteld tegen uitspraken van de voorzieningenrechter en verzet gedaan tegen uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak. De Afdeling heeft in eerdere uitspraken zich onbevoegd verklaard om kennis te nemen van het hoger beroep wegens procedurele tekortkomingen, waaronder het ontbreken van een verwijzing voor behandeling door een enkelvoudige kamer.
Opposant stelde dat bij de behandeling van het verzet fundamentele procesbeginselen zijn geschonden, onder meer door het ontbreken van proces-verbaal en ingebrachte stukken in het dossier. Tevens werd een wraking ingediend tegen leden van de kamer die het hoger beroep in behandeling hadden. De Afdeling oordeelde dat het verzet gegrond was, waardoor eerdere uitspraken vervielen, maar bleef onbevoegd om van het hoger beroep kennis te nemen.
De Afdeling overwoog dat het verzet tegen de uitspraak van 24 april 2019 niet ontvankelijk is omdat tegen een uitspraak op verzet geen verzet kan worden ingesteld. Ook een verzoek tot herziening van die uitspraak wordt afgewezen omdat de aangevoerde gronden geen feiten of omstandigheden betreffen die herziening rechtvaardigen. De wraking had geen belemmering gevormd voor de verdere behandeling van het verzet.
De Afdeling concludeert dat zij terecht onbevoegd is om van het hoger beroep kennis te nemen en ziet geen aanleiding tot proceskostenveroordeling. De uitspraak bevestigt de strikte toepassing van bevoegdheidsregels en procesrechtelijke waarborgen in bestuursrechtelijke procedures.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van het hoger beroep en het verzet.