Uitspraak
Datum uitspraak: 9 december 2020
BESTUURSRECHTSPRAAK
Raad van State
Het college van burgemeester en wethouders van Aalten verleende op 18 juli 2017 een omgevingsvergunning voor de uitbreiding van een varkenshouderij. De rechtbank Gelderland verklaarde het beroep van omwonenden gegrond en vernietigde het besluit, omdat het college geen verklaring van geen bedenkingen van gedeputeerde staten had verkregen in verband met Natura 2000-gebieden en omdat de ammoniakemissie niet juist was berekend.
De maatschap en het college gingen in hoger beroep. De Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte niet had meegewogen dat de maatschap inmiddels een vergunning op grond van de Wet natuurbescherming had aangevraagd, waardoor geen verklaring van geen bedenkingen meer nodig was. Daarnaast werd geoordeeld dat het besluit van 21 december 2017, waarin aanvullende voorschriften waren opgenomen, niet verder vernietigd hoefde te worden.
Verder werd ingegaan op de bezwaren over geur- en geluidsoverlast door luchtwassers. De Raad van State stelde dat het college aannemelijk had gemaakt dat met een technische aanpassing aan de luchtuitlaatopening voldaan kon worden aan de geur- en geluidsnormen. Daarom werd de omgevingsvergunning deels in stand gelaten onder de voorwaarde van een aangepaste luchtuitlaatopening. Het college werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: De omgevingsvergunning wordt onder voorwaarden in stand gelaten en het college wordt veroordeeld tot proceskostenvergoeding.