ECLI:NL:RVS:2020:347
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening in hoger beroep tegen afwijzing rechtmatig verblijf gemeenschapsonderdaan
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 10 december 2018 de aanvraag van een vreemdeling om afgifte van een document dat rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan bevestigt, af. De vreemdeling maakte bezwaar, dat op 4 juli 2019 ongegrond werd verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling op 23 december 2019 gegrond, vernietigde het besluit en gaf de staatssecretaris acht weken om een nieuw besluit te nemen.
De staatssecretaris stelde hoger beroep in en verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening te treffen zodat hij het nieuwe besluit niet hoefde te nemen voordat het hoger beroep was beslist. De vreemdeling gaf een schriftelijke reactie. De voorzieningenrechter oordeelde dat het niet aannemelijk was dat de uitspraak van de rechtbank in stand zou blijven en dat de belangen van beide partijen in aanmerking genomen, een voorlopige voorziening passend was.
De voorzieningenrechter bepaalde dat de staatssecretaris geen nieuw besluit op het bezwaar hoeft te nemen voordat de Afdeling bestuursrechtspraak op het hoger beroep heeft beslist. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden. De uitspraak werd gedaan op 5 februari 2020.
Uitkomst: De staatssecretaris hoeft geen nieuw besluit op bezwaar te nemen totdat het hoger beroep is beslist.