ECLI:NL:RVS:2020:769
Raad van State
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beperkte kennisneming ambtsbericht ter bescherming nationale veiligheid
In deze zaak heeft appellant hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag inzake de aanwijzing van appellant als persoon waarop de Sanctieregeling Terrorisme 2007-II van toepassing is.
De minister van Binnenlandse Zaken heeft een individueel ambtsbericht van de AIVD overgelegd en verzocht dat alleen de Afdeling bestuursrechtspraak kennisneemt van de onderliggende stukken, vanwege gewichtige redenen die samenhangen met de nationale veiligheid.
De Afdeling heeft afgewogen tussen het belang van appellant om kennis te nemen van de stukken en het belang van bescherming van de nationale veiligheid. Gezien het risico dat vrijgave lopende en toekomstige AIVD-onderzoeken zou frustreren en daarmee de nationale veiligheid in gevaar zou brengen, heeft de Afdeling het verzoek tot beperkte kennisneming van de stukken toegewezen.
De beslissing is genomen op grond van artikel 8:29, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht en is uitgesproken door de enkelvoudige geheimhoudingskamer van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 16 maart 2020.
Uitkomst: Het verzoek tot beperkte kennisneming van het individueel ambtsbericht wordt toegewezen ter bescherming van de nationale veiligheid.