ECLI:NL:RVS:2020:821
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhavingsbesluit voor verwijderen dakkapellen en overkapping bij rijksmonument
Het college van burgemeester en wethouders van Vijfheerenlanden legde aan appellant een dwangsom op om zonder vergunning gebouwde dakkapellen en een overkapping aan een schuur op een perceel te Kedichem te verwijderen. Appellant betwistte de vergunningplicht voor de overkapping, stellende dat de schuur geen monumentale status heeft en de overkapping niet als activiteit bij het monument kan worden aangemerkt.
De rechtbank oordeelde dat de dakkapellen niet vergunningvrij zijn vanwege het ontbreken van een plat dak en dat de overkapping vergunningplichtig is omdat deze bij een rijksmonument plaatsvindt. De Raad van State bevestigt dit oordeel. De schuur wordt gezien als een bijbehorend bouwwerk binnen hetzelfde bouwvlak als de rijksmonumentale boerderijwoning, waardoor de overkapping vergunningplichtig is op grond van artikel 4a van bijlage II van het Besluit omgevingsrecht.
Het hoger beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling. De uitspraak bevestigt de rechtmatigheid van het handhavingsbesluit en de opgelegde dwangsommen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het handhavingsbesluit bevestigd.