ECLI:NL:RVS:2020:845
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Helder
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-belanghebbendheid bij omgevingsvergunning bouw woning in cultuurhistorisch gebied
Het college van burgemeester en wethouders van Eersel verleende een omgevingsvergunning voor de bouw van een woning op een perceel in Vessem. Appellanten, wonend op een nabijgelegen perceel, maakten bezwaar uit vrees voor verslechtering van hun woon- en leefklimaat en aantasting van het cultuurhistorische geheel.
De rechtbank verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk omdat appellanten niet als belanghebbenden werden aangemerkt, vanwege de afstand van minimaal 200 meter en het ontbreken van direct zicht op het bouwperceel. Appellanten stelden dat de rechtbank ten onrechte alleen het afstands- en zichtcriterium hanteerde en dat de bouw het cultuurhistorische karakter en de waarde van hun woning aantast.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat appellanten geen voldoende objectief bepaalbaar belang hebben bij het besluit, omdat zij geen directe feitelijke gevolgen ondervinden. Het actieve behoud van cultuurhistorische waarden en de mogelijke waardedaling van hun woning zijn onvoldoende om als belanghebbenden te worden beschouwd.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd dat appellanten geen belanghebbenden zijn bij de omgevingsvergunning.