ECLI:NL:RVS:2020:885
Raad van State
- Hoger beroep
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard in zaak vreemdelingenbewaring
Bij besluit van 23 januari 2020 is de vreemdeling in vreemdelingenbewaring gesteld. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die bij uitspraak van 19 februari 2020 het beroep ongegrond verklaarde en het verzoek om schadevergoeding afwees.
De vreemdeling stelde vervolgens hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. In het hoger beroep gaf de vreemdeling echter geen inhoudelijke gronden aan waarom de uitspraak van de rechtbank onjuist zou zijn.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde op grond van artikel 85 van Pro de Vreemdelingenwet 2000 dat zonder inhoudelijke motivering geen beoordeling van het hoger beroep mogelijk is. Daarom verklaarde zij het hoger beroep niet-ontvankelijk en wees zij het verzoek om proceskostenvergoeding af.
Uitkomst: Het hoger beroep van de vreemdeling wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan inhoudelijke onderbouwing.