ECLI:NL:RVS:2020:954
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering omgevingsvergunning voor samenvoegen recreatiewoningen in strijd met bestemmingsplan
Het college van burgemeester en wethouders van Tytsjerksteradiel weigerde op 21 februari 2018 een omgevingsvergunning voor het verbouwen en uitbreiden van een recreatiewoning op perceel Koaidyk 6-681 in Earnewâld. De aanvraag betrof het intern verbinden van deze woning met de naastgelegen recreatiewoning Koaidyk 6-680 middels een aanbouw. Het college stelde dat hierdoor feitelijk één recreatiewoning van bijna 149 m² zou ontstaan, wat in strijd is met de maximale toegestane oppervlakte van 70 m² volgens het bestemmingsplan.
De rechtbank verklaarde het beroep van de appellant ongegrond en de appellant stelde hoger beroep in bij de Raad van State. Deze oordeelde dat het bouwplan inderdaad voorziet in het samenvoegen van twee recreatiewoningen tot één woning, mede omdat de entree van woning 6-680 in de aanbouw van 6-681 is gelegen en de keuken van 6-681 vervalt. Dit leidt tot een woning die groter is dan toegestaan. De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigde dat het college in redelijkheid tot zijn besluit heeft kunnen komen, mede gelet op het belang van het behoud van de gewenste aard en uitstraling van het recreatiepark.
De appellant voerde aan dat het college niet zorgvuldig heeft gehandeld en het verbod van willekeur heeft geschonden, mede omdat een akoestisch onderzoek geen noemenswaardige geluidstoename aantoonde en er bereidheid was tot geluidsbeperkende maatregelen. De Raad van State verwierp deze bezwaren en stelde dat het college beleidsruimte heeft en dat het belang van een goede ruimtelijke ordening zwaarder weegt. Tevens was het college niet verplicht om een integrale heroverweging te maken. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de omgevingsvergunning bevestigd.