ECLI:NL:RVS:2020:984
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- H.G. Sevenster
- H. Troostwijk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over weigering machtiging voorlopig verblijf wegens niet-erkend huwelijk
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees een aanvraag om een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) af omdat het huwelijk tussen de vreemdeling en haar echtgenoot niet rechtsgeldig zou zijn volgens Syrisch recht. De rechtbank oordeelde dat het huwelijk wel rechtsgeldig was op basis van een religieus huwelijk in Syrië en vernietigde het besluit.
De staatssecretaris stelde hoger beroep in en betoogde dat het huwelijk niet rechtsgeldig was omdat de vereiste legalisatie door de shariarechtbank ontbrak en toestemming van militaire autoriteiten niet was verkregen. Tevens werd aangevoerd dat het huwelijk in Turkije niet burgerlijk was gesloten en dus niet rechtsgeldig volgens Turks recht.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat het huwelijk rechtsgeldig was, omdat de vereiste legalisatie ontbrak en het huwelijk een constitutief gebrek vertoonde. Het hoger beroep werd gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank en het besluit van de staatssecretaris vernietigd, en de zaak terugverwezen voor een nieuwe beoordeling.
De staatssecretaris werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en het griffierecht aan de vreemdeling. De uitspraak werd gedaan door een kamer van drie leden van de Afdeling bestuursrechtspraak.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en het besluit van de staatssecretaris en de uitspraak van de rechtbank worden vernietigd wegens een onjuiste beoordeling van de rechtsgeldigheid van het huwelijk.