ECLI:NL:RVS:2021:1119
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Helder
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak en instandhouding weigering omgevingsvergunning wegens strijd met redelijke eisen van welstand
De zaak betreft een omgevingsvergunning voor vervangende nieuwbouw van een woning op een perceel te Zoutelande. De aanvrager, eigenaar sinds 1987, wilde de bestaande woning slopen en een nieuwe woning in jaren ’30 stijl bouwen met een afwijkende dakkap. Het college had de vergunning van rechtswege verleend, maar na bezwaar van omwonenden werd deze vergunning herroepen en geweigerd wegens strijd met redelijke eisen van welstand.
De rechtbank verklaarde het beroep van de aanvrager gegrond en oordeelde dat het college niet aan het positieve advies van de eigen welstandscommissie (CRK) voorbij mocht gaan, waardoor de vergunning van rechtswege bleef bestaan. Het college en een appellant gingen hiertegen in hoger beroep.
De Afdeling oordeelt dat het college terecht een second opinion van een externe commissie (DSL) mocht vragen en dat het niet gebonden is aan het advies van de CRK. Het negatieve advies van DSL mocht aan het besluit ten grondslag worden gelegd. De Afdeling vernietigt daarom de uitspraak van de rechtbank, verklaart het beroep van de aanvrager ongegrond en bevestigt de weigering van de omgevingsvergunning vanwege strijd met redelijke eisen van welstand.
Daarnaast veroordeelt de Afdeling het college tot vergoeding van proceskosten aan de appellant en bepaalt zij dat het griffierecht wordt terugbetaald. De uitspraak is gedaan door een lid van de enkelvoudige kamer op 26 mei 2021.
Uitkomst: De omgevingsvergunning wordt geweigerd wegens strijd met redelijke eisen van welstand en het beroep van de aanvrager wordt ongegrond verklaard.