ECLI:NL:RVS:2021:1125
Raad van State
- Hoger beroep
- A. ten Veen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering omgevingsvergunning voor aanleg uitweg vanwege verkeersveiligheid
Het college van burgemeester en wethouders van Goirle weigerde op 13 februari 2019 een omgevingsvergunning voor de aanleg van een nieuwe uitweg op een perceel van appellante. De rechtbank verklaarde het bezwaar tegen dit besluit ongegrond en bevestigde het belang van verkeersveiligheid als grond voor weigering. Appellante stelde in hoger beroep dat de motivering onvoldoende was en dat de verkeersveiligheid niet zou verslechteren.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het college de weigering voldoende had gemotiveerd, mede op basis van verkeerskundig advies. De rechtbank had terecht geoordeeld dat elke extra uitweg een potentieel gevaarlijk punt vormt vanwege snelheidsverschillen en perceptierisico's. Het argument dat het aantal verkeersbewegingen gelijk blijft, weegt niet op tegen de verhoogde risico's.
Verder werd geoordeeld dat de belangenafweging tussen verkeersveiligheid en bedrijfsbelangen van appellante rechtmatig was. Het belang van verkeersveiligheid woog zwaarder, waardoor de vergunning terecht werd geweigerd. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de omgevingsvergunning bevestigd.