ECLI:NL:RVS:2021:1167
Raad van State
- Hoger beroep
- J. Hoekstra
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over geluidsoverlast bezoekers Tivoli in Utrecht
Appellante woont in het centrum van Utrecht en ervaart geluidsoverlast van bezoekers van TivoliVredenburg, met name bij in- en uitstroom tijdens nachtconcerten en late evenementen. Zij verzocht de burgemeester om handhavend op te treden, maar dit werd afgewezen bij besluiten van 18 juni en 14 november 2018. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het besluit van 14 november 2018 wegens een bevoegdheidsgebrek, maar liet de rechtsgevolgen van dat besluit in stand.
Het hoger beroep richt zich tegen het in stand laten van de rechtsgevolgen en tegen de afwijzing van de geluidsoverlast door de rechtbank. De Afdeling oordeelt dat er voldoende aanwijzingen zijn dat geluidsoverlast wordt ervaren en dat de burgemeester daarom een nader onderzoek had moeten instellen naar de aard, omvang en eventuele overtreding van normen. Dit onderzoek heeft niet plaatsgevonden, waardoor het besluit niet zorgvuldig tot stand is gekomen.
De Afdeling vernietigt daarom het deel van de uitspraak van de rechtbank dat de rechtsgevolgen van het besluit van 14 november 2018 in stand liet en bevestigt de rest van de uitspraak. De burgemeester moet een nieuw besluit nemen op het bezwaar tegen het besluit van 18 juni 2018, rekening houdend met de overwegingen van deze uitspraak. Tevens wordt bepaald dat tegen het nieuwe besluit alleen beroep kan worden ingesteld bij de Afdeling. De burgemeester wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht van appellante.
Uitkomst: Het hoger beroep is gegrond verklaard en het deel van de uitspraak van de rechtbank dat de rechtsgevolgen van het besluit van 14 november 2018 in stand liet is vernietigd.