ECLI:NL:RVS:2021:1203
Raad van State
- Hoger beroep
- F.D. van Heijningen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging buitenbehandelingstelling omgevingsvergunning bouw studio’s wegens onvolledige aanvraag
Het college van burgemeester en wethouders van Enschede stelde de aanvraag van appellant voor een omgevingsvergunning voor de bouw van 9 studio’s buiten behandeling omdat de aanvraag niet voldeed aan de indieningsvereisten uit de Regeling omgevingsrecht. Ondanks aanvulling van stukken door appellant, bleven meerdere opgevraagde documenten ontbreken en was de kwaliteit van de bouwtekeningen onvoldoende voor een inhoudelijke beoordeling.
Appellant voerde aan dat de aanvullende gegevens voldoende waren en dat vergelijkbare aanvragen voor andere panden wel in behandeling waren genomen. Ook stelde appellant dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld over het ontbreken van tekeningen voor het trappenhuis en de verdieping. De rechtbank oordeelde echter dat het college beoordelingsruimte heeft om te bepalen of de aanvraag compleet is en dat appellant onvoldoende had onderbouwd dat de aanvraag wel compleet was.
De Raad van State bevestigt het oordeel van de rechtbank dat het college zich in redelijkheid op het standpunt kon stellen dat de aanvraag onvolledig was. Het college had terecht aanvullende gegevens gevraagd, onder meer over brandveiligheid en constructieve veiligheid, die ontbraken. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalde omdat appellant dit niet met stukken had onderbouwd en nieuwe stukken in hoger beroep niet meer mochten worden ingebracht.
De Raad van State concludeert dat het college de aanvraag terecht buiten behandeling heeft gesteld en verklaart het hoger beroep ongegrond. De uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd en het college hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de buitenbehandelingstelling van de aanvraag omgevingsvergunning bevestigd.