ECLI:NL:RVS:2021:1378
Raad van State
- Tussenuitspraak bestuurlijke lus
- B.J. van Ettekoven
- B.J. Schueler
- F.D. van Heijningen
- Rechtspraak.nl
Raad van State wijst tussenuitspraak over bestemmingsplan palingkwekerij Oegstgeest
De raad van de gemeente Oegstgeest stelde op 28 maart 2019 een bestemmingsplan vast voor de realisatie van een palingkwekerij met ondersteunende functies op een perceel waar voorheen een sierteeltbedrijf was gevestigd. Appellanten, eigenaren van een naastgelegen melkveehouderij, maakten bezwaar tegen het plan vanwege mogelijke beperkingen van hun bedrijfsvoering en andere ruimtelijke en milieukwesties.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft het geschil behandeld en beoordeelde diverse bezwaren, waaronder de toepassing van de Verordening Ruimte 2014, de ruimtelijke inpassing, geur- en geluidhinder, parkeer- en verkeersaspecten, en de toepassing van de ladder voor duurzame verstedelijking. De Afdeling concludeerde dat het plan in grote lijnen in overeenstemming is met het recht en de betrokken beleidsregels, en dat de milieueffecten en ruimtelijke impact voldoende zijn onderzocht en gemotiveerd.
Echter, de Afdeling stelde vast dat het bestemmingsplan onvoldoende rechtszekerheid biedt omdat de palingrokerij niet als zodanig is bestemd, terwijl dit gezien de ruimtelijke gevolgen wel vereist is. Daarom werd de raad opgedragen binnen 12 weken het plan aan te passen door de palingrokerij expliciet te bestemmen, met inachtneming van de reeds uitgevoerde geuronderzoeken en de voorwaarden die daaruit voortvloeien. De Afdeling benadrukte dat bij eventuele uitbreiding van de rookactiviteiten nieuw onderzoek en motivering noodzakelijk zijn.
De uitspraak is een tussenuitspraak, waarbij de Afdeling tevens aankondigt in de einduitspraak te zullen beslissen over proceskosten en griffierecht. De raad moet de uitkomst van de aanpassing aan alle partijen bekendmaken volgens de wettelijke voorschriften.
Uitkomst: De raad van Oegstgeest wordt opgedragen het bestemmingsplan binnen 12 weken aan te passen door de palingrokerij als zodanig te bestemmen om het gebrek in de rechtszekerheid te herstellen.