ECLI:NL:RVS:2021:163
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging last onder bestuursdwang wegens brandgevaarlijke woning in Groningen
Appellant huurt een woning in Groningen en kreeg een last onder bestuursdwang opgelegd vanwege brandgevaarlijke omstandigheden in zijn woning, zoals vastgesteld door brandweerinspecties en gemeentelijke toezichthouder. Het college stelde dat de situatie gevaar opleverde voor appellant en zijn omgeving, in strijd met artikel 1a, tweede lid, van de Woningwet.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en oordeelde dat het college bevoegd was tot handhaving, waarbij de belangen van veiligheid zwaarder wegen dan privacy en eigendomsrechten. Appellant voerde in hoger beroep aan dat de situatie niet brandgevaarlijk was en dat het college disproportioneel handelde.
De Raad van State oordeelt dat de brandweer als deskundige kan worden gevolgd en dat de rapporten voldoende onderbouwing bieden voor het gevaar. Het beroep op disproportionaliteit en subsidiariteit faalt, mede omdat een nieuw betoog over de uitvoering van bestuursdwang niet ontvankelijk is. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.