ECLI:NL:RVS:2021:183
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- J. Hoekstra
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen last tot verlaging erfafscheiding in Noordwijk
Het college van burgemeester en wethouders van Noordwijk legde aan verzoekster een last onder dwangsom op om vier penanten, twee toegangspoorten en een deel van de erfafscheiding op haar perceel te verlagen tot maximaal 1 meter of tot de hoogte van de aansluitende erfafscheiding. Verzoekster betwistte de hoogtebepalingen waarop het college zich baseerde, met name omdat het college de hoogte vanaf het aangrenzende perceel mat, terwijl volgens haar het eigen perceel het juiste referentiepunt is.
De voorzieningenrechter stelde vast dat het terrein geaccidenteerd is en dat er onvoldoende zekerheid bestaat of het college bij de metingen het juiste aansluitend afgewerkte terrein als referentiepunt heeft genomen, zoals voorgeschreven in het Besluit omgevingsrecht. De foto's en metingen van verzoekster toonden afwijkende hoogtes aan, mede door kunstmatige ophoging van haar perceel die volgens het college buiten beschouwing moet blijven.
Gezien deze onzekerheid en het voorlopige karakter van de procedure, oordeelde de voorzieningenrechter dat nader onderzoek in de bodemprocedure nodig is en dat spoedige uitvoering van de last niet noodzakelijk is. Daarom werd het handhavingsbesluit geschorst. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht van verzoekster.
Uitkomst: Het besluit tot verlaging van de erfafscheiding wordt geschorst wegens onduidelijkheid over de juiste hoogtebepaling, en het college wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.