ECLI:NL:RVS:2021:2021
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- J.E.M. Polak
- B.P.M. van Ravels
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen besluit tegemoetkoming planschade bestemmingsplan De Verwondering
Appellanten, eigenaren van woningen aan vier locaties in Nieuwveen, vorderen een hogere tegemoetkoming in planschade vanwege het bestemmingsplan "De Verwondering" dat een woonwijk mogelijk maakt nabij hun woningen.
Het college van burgemeester en wethouders kende aan hen een tegemoetkoming toe op basis van een advies van de Stichting Adviesbureau Onroerende Zaken (SAOZ). De rechtbank verklaarde het beroep van drie appellanten niet-ontvankelijk en het beroep van één appellant ongegrond.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat de rechtbank ten onrechte het beroep van drie appellanten niet-ontvankelijk heeft verklaard, omdat het beroepschrift onvoldoende verduidelijking vroeg. De Afdeling vernietigt dit oordeel en behandelt het beroep inhoudelijk.
De appellanten betwisten de onafhankelijkheid van de SAOZ en de taxaties van hun woningen, en stellen dat het gelijkheidsbeginsel is geschonden. De Afdeling oordeelt dat de SAOZ onafhankelijk is, de taxaties zorgvuldig zijn en dat het college terecht geen hogere tegemoetkoming toekende gezien verschillen in afstand en situatie.
Het hoger beroep wordt daarom voor het merendeel ongegrond verklaard, het college hoeft geen proceskosten te vergoeden, en het griffierecht wordt aan appellanten vergoed.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard voor het ontvankelijkheidsvraagstuk, maar inhoudelijk ongegrond; de toegekende tegemoetkomingen blijven gehandhaafd.