ECLI:NL:RVS:2021:2051

Raad van State

Datum uitspraak
14 september 2021
Publicatiedatum
14 september 2021
Zaaknummer
202003840/3/R1
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Wraking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:15 AwbArt. 3 Wrakingsregeling bestuursrechtelijke colleges 2013
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzoek om wraking van rechter afgewezen wegens te late indiening

Verzoekers hebben bij de Raad van State een verzoek ingediend om wraking van mr. F.C.M.A. Michiels, lid van de enkelvoudige kamer die de hoofdzaak behandelde. Dit verzoek werd gedaan nadat de uitspraak in de hoofdzaak openbaar was gemaakt op 14 juli 2021.

Volgens artikel 8:15 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) moet een wrakingsverzoek worden ingediend voordat de uitspraak in de hoofdzaak is gedaan, omdat na de uitspraak de zaak niet langer bij de rechter in behandeling is. Daarnaast bepaalt de Wrakingsregeling bestuursrechtelijke colleges 2013 dat een wrakingskamer een verzoek buiten behandeling kan laten indien het verzoek na de openbaarmaking van de einduitspraak wordt ingediend.

Gezien deze wettelijke bepalingen heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State het wrakingsverzoek zonder zitting buiten behandeling gelaten. De beslissing werd genomen door de voorzitter en leden van de kamer, waarbij de griffier aanwezig was. De voorzitter was verhinderd de uitspraak te ondertekenen.

Deze uitspraak bevestigt het belang van tijdige indiening van wrakingsverzoeken en verduidelijkt de procedurele grenzen rond wraking in bestuursrechtelijke procedures.

Uitkomst: Het wrakingsverzoek is buiten behandeling gelaten wegens te late indiening na de uitspraak in de hoofdzaak.

Uitspraak

202003840/3/R1.
Datum beslissing: 14 september 2021
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Beslissing op het verzoek van:
[verzoeker] en anderen, wonend te Amstelveen,
verzoekers,
om toepassing van artikel 8:15 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb).
Procesverloop
Bij brief, bij de Raad van State ingekomen op 22 juli 2021, hebben [verzoeker] en anderen verzocht om wraking van mr. F.C.M.A. Michiels als lid van de enkelvoudige kamer belast met de behandeling van de zaak nr. 202003840/1/R1.
Overwegingen
1.       Op verzoek van een partij kan ingevolge artikel 8:15 van Pro de Awb elk van de rechters die een zaak behandelen, worden gewraakt op grond van feiten en omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden.
2.       Ingevolge artikel 3, tweede lid, aanhef en onder a, van de Wrakingsregeling bestuursrechtelijke colleges 2013 (hierna: de Wrakingsregeling) kan de wrakingskamer zonder daartoe een zitting te houden, beslissen een verzoek om wraking niet in behandeling te nemen indien het verzoek is gedaan nadat in de hoofdzaak de einduitspraak openbaar is gemaakt.
3.       De uitspraak in zaak nr. 202003840/1/R1 is openbaar gemaakt op 14 juli 2021. Uit artikel 8:15 van Pro de Awb volgt dat een verzoek om wraking moet worden gedaan voordat uitspraak is gedaan in de hoofdzaak. Nadat uitspraak is gedaan, is de zaak immers niet langer bij de rechter of rechters in behandeling. Gelet hierop en op artikel 3, tweede lid, aanhef en onder a, van de Wrakingsregeling wordt het verzoek zonder een zitting te houden buiten behandeling gelaten.
Beslissing
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
laat het verzoek buiten behandeling.
Aldus vastgesteld door mr. J.A.W. Scholten-Hinloopen, voorzitter, en mr. E. Steendijk en mr. G.M.H. Hoogvliet, leden, in tegenwoordigheid van mr. N. Tibold, griffier.
De voorzitter is verhinderd de uitspraak te ondertekenen.
w.g. Tibold
griffier
Uitgesproken in het openbaar op 14 september 2021
853