ECLI:NL:RVS:2021:2061
Raad van State
- Herziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot herziening van uitspraak over planschade door bestemmingsplan
De zaak betreft een verzoek tot herziening van een uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 23 december 2020, waarin het hoger beroep van verzoeker tegen een uitspraak van de rechtbank Noord-Holland werd afgewezen. Verzoeker, eigenaar van percelen te Schagerbrug, stelde planschade te hebben geleden door het nieuwe bestemmingsplan dat de bebouwingsmogelijkheden beperkte.
Verzoeker voerde aan dat de planologische verslechtering niet voorzienbaar was en dat de Afdeling zijn hogerberoepsgronden niet voldoende had gewogen, waardoor hij geen eerlijk proces zou hebben gehad. De Raad van State overwoog dat het verzoek om herziening alleen kan slagen indien nieuwe feiten of omstandigheden worden aangevoerd die voor de uitspraak niet bekend waren en die tot een andere beslissing zouden kunnen leiden.
Omdat verzoeker geen nieuwe feiten of omstandigheden heeft aangevoerd en de pleitnota reeds in de eerdere procedure was ingebracht, is niet voldaan aan de cumulatieve criteria voor herziening. Ook het argument over de officiële bekendmaking in een plaatselijk blad voldoet niet aan de vereisten. De Afdeling heeft de gronden en stukken wel degelijk gewogen. Het verzoek om herziening wordt daarom afgewezen en het college hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het verzoek om herziening van de uitspraak wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.