ECLI:NL:RVS:2021:2081
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Helder
- J.Th. Drop
- J. Gundelach
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit subsidieafwijzing jonge landbouwer wegens onjuiste bedrijfshoofdbeoordeling
De maatschap vroeg subsidie aan voor verduurzamingsinvesteringen onder de Subsidieregeling Plattelandsontwikkelingsprogramma 3 Noord-Brabant 2014-2020. Het college wees de aanvraag af omdat een van de maten, die ouder was dan 40 jaar, als niet-jonge landbouwer en bedrijfshoofd werd aangemerkt, waardoor de subsidie met 20% werd verlaagd tot onder de drempel van € 10.000.
De maatschap stelde dat deze maat per 1 januari 2019 was uitgetreden en geen bedrijfshoofd meer was, wat niet was verwerkt in de maatschapsakte bij de aanvraag. De rechtbank oordeelde dat de maatschapsakte leidend was en dat latere wijzigingen niet in het tendersysteem konden worden meegenomen, waardoor het beroep ongegrond werd verklaard.
De Raad van State oordeelde dat het college ten onrechte de maat als bedrijfshoofd heeft aangemerkt omdat de feitelijke situatie en toelichtingen bij de aanvraag al aangaven dat de maat was uitgetreden. Het college had mogen uitgaan van deze situatie en de subsidieaanvraag had niet afgewezen mogen worden. Het hoger beroep werd gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank en het besluit van het college vernietigd en het college werd opgedragen een nieuw besluit te nemen. Tevens werden proceskosten toegekend aan de maatschap.
Uitkomst: Het besluit van het college om de subsidieaanvraag af te wijzen wordt vernietigd en het college moet een nieuw besluit nemen.