ECLI:NL:RVS:2021:2284
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen niet tijdig besluit handhaving last onder bestuursdwang perceel Mierlo
Appellant verzocht het college van burgemeester en wethouders van Geldrop-Mierlo om handhaving tegen illegale bouwactiviteiten op een perceel in Mierlo, waaronder het toepassen van een eerder opgelegde last onder bestuursdwang. Het college wees het verzoek af en nam niet tijdig een besluit op het specifieke verzoek tot toepassing van bestuursdwang, waarop appellant beroep instelde bij de rechtbank. De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk, stellende dat het verzoek als één handhavingsaanvraag moest worden gezien en dat het college reeds had beslist.
De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat het verzoek tot toepassing van bestuursdwang een zelfstandig verzoek is volgens artikel 5:31a van de Awb, waarop het college apart had moeten beslissen. Het college had dit niet gedaan en nam pas na de rechtbankuitspraak alsnog een inhoudelijk besluit, waarin het verzoek werd afgewezen. De Afdeling vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep gegrond wegens het niet tijdig beslissen.
Verder stelde de Afdeling de door het college verbeurde dwangsom wegens het niet tijdig beslissen vast op €1.442,00 en verwees de behandeling van het beroep tegen het inhoudelijke besluit van het college naar de bezwaarprocedure bij het college zelf. Het college werd tevens veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht van appellant.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd wegens het niet tijdig nemen van een besluit op het verzoek tot toepassing van bestuursdwang.