ECLI:NL:RVS:2021:251
Raad van State
- Hoger beroep
- J.J. van Eck
- E. Steendijk
- H.J.M. Baldinger
- Rechtspraak.nl
Bevestiging boete wegens illegale tewerkstelling van vreemdelingen zonder vergunning
De staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid legde [appellante] een boete op van €132.000 wegens overtreding van artikel 2, eerste lid, van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav). Na bezwaar werd de boete verlaagd naar €88.000. De rechtbank verklaarde het beroep van [appellante] tegen de boete ongegrond, waarop zij hoger beroep instelde bij de Raad van State.
[Appellante] voerde aan dat de vreemdelingen tijdelijk vanuit Duitsland naar Nederland waren uitgezonden in het kader van grensoverschrijdende dienstverrichting, waardoor de Wav niet van toepassing zou zijn. De Raad van State oordeelde echter dat [appellante] in Duitsland geen substantiële economische activiteiten verricht en dat de vreemdelingen niet tijdelijk naar Nederland waren uitgezonden met de bedoeling terug te keren, zodat het beroep op het Besluit uitvoering Wet arbeid vreemdelingen faalt.
Daarnaast werd het beroep op de standstill-bepaling uit Besluit nr. 1/80 verworpen omdat de vreemdelingen niet rechtmatig in Nederland verbleven. Ook het verzoek tot matiging van de boete wegens financiële omstandigheden werd afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing.
De Raad van State bevestigde daarmee het vonnis van de rechtbank en wees het hoger beroep af. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: De boete van €88.000 wegens illegale tewerkstelling wordt bevestigd en het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.