ECLI:NL:RVS:2021:2704
Raad van State
- Hoger beroep
- A.W.M. Bijloos
- C.M. Wissels
- J.M.L. Niederer
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit burgemeester Utrecht tot sluiting smartshop wegens onvoldoende motivering gevaar openbare orde
De burgemeester van Utrecht sloot op 3 juni 2019 een pand waarin een smartshop werd geëxploiteerd voor twaalf maanden vanwege een vermoeden van illegale gokactiviteiten en aanwezigheid van goederen die bij drugshandel kunnen worden gebruikt. De gemeente voerde een controle uit samen met de Kansspelautoriteit en politie, waarbij een cash center werd aangetroffen en in beslag genomen. De burgemeester baseerde zijn sluitingsbesluit op artikel 2:46 van Pro de APV en artikel 13b van de Opiumwet.
De rechtbank verklaarde het beroep van de exploitant ongegrond, maar in hoger beroep oordeelt de Afdeling bestuursrechtspraak dat de burgemeester onvoldoende heeft gemotiveerd dat het openhouden van het pand een reëel gevaar voor de openbare orde oplevert. De enkele aanwezigheid van een cash center en goederen die mogelijk bij drugshandel worden gebruikt, rechtvaardigen volgens de Afdeling niet zonder meer een sluiting. Ook is niet aannemelijk gemaakt dat er sprake was van grootschalige illegale gokactiviteiten of dat de exploitant wist van het gebruik van de goederen voor drugshandel.
De Afdeling vernietigt daarom het besluit en het daarop gebaseerde bezwaar- en beroepsbesluit en beveelt de burgemeester een nieuw besluit te nemen met een duidelijke motivering waarom de openbare orde zodanig wordt bedreigd dat sluiting noodzakelijk is. Tevens worden de proceskosten aan de burgemeester opgelegd en wordt bepaald dat tegen het nieuwe besluit alleen beroep kan worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak.
Uitkomst: Het besluit tot sluiting van het pand wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering van het gevaar voor de openbare orde.