ECLI:NL:RVS:2021:2763
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- E. Helder
- G.T.J.M. Jurgens
- M. Soffers
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bestemmingsplan Landgoed Leijvennen wegens strijd met landgoederenregeling
Het bestemmingsplan Landgoed Leijvennen, vastgesteld door de raad van de gemeente Goirle op 7 juli 2020, voorziet in de realisatie van een landgoed met zes wooneenheden en een bestemming 'Natuur' met functieaanduiding 'wonen'. Het Groene Hart en anderen hebben beroep ingesteld tegen dit plan, stellende dat natuurwaarden worden aangetast en dat het plan strijdig is met diverse wettelijke bepalingen, waaronder de Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant (IOV).
De Afdeling bestuursrechtspraak heeft het plan getoetst aan het recht, waarbij onder meer de toepassing van de landgoederenregeling uit artikel 3.79 van de IOV centraal stond. De appellanten voerden aan dat de regeling onduidelijk en onwerkbaar is en dat het plan niet voldoet aan de vereisten van de regeling, zoals de omvang van nieuwe natuur en de openbaar toegankelijke voorzieningen voor extensieve recreatie. De Afdeling oordeelde dat de regeling voldoende concreet en objectief is en dat het plan grotendeels aan de voorwaarden voldoet, maar dat de afwijkingsmogelijkheid in artikel 11, onder b, van de planregels strijdig is met artikel 3.79 van de IOV omdat het bouwvolume met 10% kan worden vergroot zonder dat het plan voorziet in de vereiste extra nieuwe natuur.
Verder zijn bezwaren over de toepassing van de lagenbenadering, de bescherming van waterhuishouding, het Natuur Netwerk Brabant, gemeentelijk beleid, en de planregels inhoudelijk beoordeeld en verworpen. De Afdeling concludeert dat het beroep gegrond is voor zover het betreft de afwijkingsbevoegdheid in artikel 11, onder b, van de planregels en vernietigt het besluit op dat punt. De raad wordt opgedragen dit onderdeel in het plan te verwerken. Tevens worden proceskosten en griffierecht aan appellanten toegekend.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestemmingsplan wordt vernietigd voor zover het artikel 11, onder b, van de planregels betreft.