ECLI:NL:RVS:2021:2890
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen omgevingsvergunning voor zes levensloopbestendige appartementen in Renesse
Het college van burgemeester en wethouders van Schouwen-Duiveland verleende op 9 augustus 2021 een omgevingsvergunning voor de bouw van zes levensloopbestendige appartementen aan [locatie 1]-[locatie 2] te Renesse, gericht op verhuur in het middeldure huursegment. Verzoekers, bewoners van Renesse, maakten bezwaar tegen dit besluit en voerden aan dat het college onvoldoende had gemotiveerd dat er behoefte was aan deze woningen, dat het parkeerbeleid niet correct was toegepast en dat het college ten onrechte was afgeweken van een negatief welstandsadvies.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het bouwplan niet als stedelijke ontwikkeling valt onder het Besluit ruimtelijke ordening en dat de toetsing aan de ladder voor duurzame verstedelijking daarom niet van toepassing was. De Woonvisie 2018-2027 voorziet in een behoefte aan middeldure huurappartementen voor 55-plussers, en de locatie geldt als een structuurversterkende plek. Het college had de verhuur aan het middeldure huursegment gebonden en daarmee voldaan aan de Woonvisie. Ten aanzien van parkeren stelde de rechter vast dat het college redelijkerwijs mocht aannemen dat zes parkeerplaatsen op eigen terrein en drie op een nabijgelegen openbaar parkeerterrein voldoen aan het Parapluplan parkeernormen. Het bezwaar tegen het afwijken van het welstandsadvies werd verworpen omdat het college dit deugdelijk had gemotiveerd vanuit het algemeen belang van woningbouw in het middeldure huursegment.
Het hoger beroep van vergunninghouder werd ingetrokken, zodat de voorzieningenrechter geen uitspraak meer hoefde te doen over diens beroepsgronden. De voorzieningenrechter verklaarde het beroep van verzoekers ongegrond en wees het verzoek tot voorlopige voorziening af. Het college hoefde geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep tegen de omgevingsvergunning voor zes appartementen wordt ongegrond verklaard en het verzoek tot voorlopige voorziening afgewezen.