ECLI:NL:RVS:2021:3015
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Helder
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering omgevingsvergunning voor uitbouw en dakterras in strijd met bestemmingsplan
De appellant heeft een omgevingsvergunning aangevraagd voor het uitbreiden van een uitbouw en het plaatsen van een dakterras op de vierde verdieping van haar woning te Amsterdam, waarbij het bouwplan in strijd was met het bestemmingsplan "Hoofddorpplein- en Schinkelbuurt". Het college van burgemeester en wethouders heeft de vergunning geweigerd vanwege een onevenredige aantasting van het daklandschap, omdat de uitbouw dieper zou worden dan die van naastgelegen panden.
De appellant heeft bezwaar gemaakt en de aanvraag gewijzigd, maar ook de gewijzigde aanvraag is geweigerd. De rechtbank heeft het beroep van appellant ongegrond verklaard. In hoger beroep heeft appellant aangevoerd dat het college onterecht de vergunning heeft geweigerd, onder meer omdat een vergelijkbare uitbouw bij een andere woning in hetzelfde bouwblok wel is toegestaan en het college daardoor willekeurig zou hebben gehandeld.
De Raad van State oordeelt dat het college beleidsruimte heeft bij het afwijken van het bestemmingsplan en dat het college in redelijkheid heeft kunnen besluiten de vergunning te weigeren vanwege het belang van een eenvormig daklandschap. De vergunning voor de andere woning berust volgens het college op een vergissing, wat de Afdeling niet onjuist acht. Ook het betoog over vooringenomenheid en willekeur wordt verworpen. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de omgevingsvergunning bevestigd.