ECLI:NL:RVS:2021:704
Raad van State
- Verzet
- E. Helder
- Rechtspraak.nl
Onbevoegdverklaring beroep tegen gedoogbeslissing bouw kabelbaan Floriadeterrein Almere
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft bij uitspraak van 20 november 2020 het beroep van opposant tegen een gedoogbeslissing van het college van burgemeester en wethouders van Almere onbevoegd verklaard. De gedoogbeslissing betrof het niet-handhavend optreden tegen de bouw van een kabelbaan door Floriade Almere 2022 B.V. zonder vergunning.
Opposant stelde verzet in tegen deze onbevoegdverklaring en voerde aan dat de gedoogbeslissing wel rechtsgevolg heeft en dat hij niet is gehoord. De Afdeling overwoog dat gedoogbeslissingen in principe geen besluiten zijn omdat zij niet op rechtsgevolg zijn gericht, maar slechts een toezegging vormen om niet handhavend op te treden. De aanleg van de kabelbaan is een feitelijke handeling waartegen geen beroep openstaat.
De Afdeling oordeelde dat de situatie van opposant niet zo onredelijk bezwarend is dat sprake is van een zeer uitzonderlijk geval waarin de gedoogbeslissing toch als besluit moet worden aangemerkt. Opposant kan bezwaar maken tegen het handhavingsbesluit en voorlopige voorzieningen treffen via de rechtbank. Het verzet bood geen grond voor twijfel aan de eerdere uitspraak en werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het verzet van opposant wordt ongegrond verklaard en de Afdeling bestuursrechtspraak blijft onbevoegd kennis te nemen van het beroep tegen de gedoogbeslissing.