ECLI:NL:RVS:2021:917
Raad van State
- Hoger beroep
- J.E.M. Polak
- C.J. Borman
- G.M.H. Hoogvliet
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verzoek uitbreiding wapenverlof wegens onjuiste interpretatie regelgeving
De appellant, lid van een schietsportvereniging sinds 1993, verzocht om een pistool met wisselset bij te schrijven op zijn wapenverlof en een geweer af te schrijven. De korpschef wees dit af omdat volgens hem het maximum van vijf wapens op het verlof werd overschreden door samenstelling van wapens uit losse onderdelen. De minister handhaafde dit besluit in administratief beroep, en de rechtbank verklaarde het beroep ongegrond.
In hoger beroep stelde appellant dat de regelgeving en de Circulaire wapens en munitie 2018 duidelijk maken dat losse wisselsets en onderdelen niet meetellen bij het bepalen van het aantal wapens. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de korpschef en minister onjuist hebben uitgelegd dat samengestelde wapens uit onderdelen als extra wapens meetellen. De Afdeling vernietigde het besluit en bepaalde dat de minister binnen zes weken een nieuw besluit moet nemen, met inachtneming van deze uitspraak.
De Afdeling benadrukte dat het verboden is zonder erkenning een nieuw wapen samen te stellen en dat onderdelen die op het verlof staan specifiek bestemd zijn voor de wapens op het verlof. De Afdeling wees erop dat indien misbruik wordt vermoed, de korpschef andere wettelijke instrumenten kan inzetten. De appellant kreeg tevens vergoeding van griffierecht toegewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep is gegrond verklaard en het besluit van de minister vernietigd met opdracht tot nieuw besluit binnen zes weken.