ECLI:NL:RVS:2021:949
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank over uitblijven besluit verblijfsvergunning asiel
De vreemdeling heeft beroep ingesteld tegen het uitblijven van een besluit op haar aanvraag om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verkrijgen. De rechtbank heeft het beroep gegrond verklaard en de staatssecretaris opgedragen binnen acht weken een besluit te nemen, met een dwangsom bij overschrijding.
De staatssecretaris heeft verzet aangetekend tegen deze uitspraak, maar de rechtbank heeft dit verzet verworpen en opnieuw bepaald dat binnen acht weken een besluit moet volgen, met een dwangsom van maximaal €7.500. De vreemdeling is tegen deze uitspraak in hoger beroep gegaan.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelt dat zij onbevoegd is om kennis te nemen van het hoger beroep tegen de uitspraak op verzet, omdat hoger beroep daartegen niet openstaat. Voor het overige bevestigt de Afdeling de uitspraak van de rechtbank en verklaart het hoger beroep ongegrond. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak verklaart zich onbevoegd voor hoger beroep tegen uitspraak op verzet en bevestigt de rest van de uitspraak van de rechtbank.