ECLI:NL:RVS:2022:1011
Raad van State
- Hoger beroep
- B.P.M. van Ravels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing handhavingsverzoek brandveiligheid palletopslag te Enter
Twentse Glasgroep B.V. exploiteert een glashandel- en montagebedrijf op een perceel te Enter, naast een perceel waar een pallethandel pallets opslaat. Na aankoop van het bedrijfspand in mei 2018 verzocht Twentse Glasgroep B.V. het college van burgemeester en wethouders van Wierden handhavend op te treden tegen de palletopslag vanwege vermeende schending van brandveiligheidseisen.
Het college wees het verzoek in mei 2019 af, stellende dat de opslag voldoet aan de relevante voorschriften van het Bouwbesluit 2012, mede op basis van een advies van Brandweer Twente. De rechtbank verklaarde het daarop ingestelde beroep van Twentse Glasgroep B.V. ongegrond. Twentse Glasgroep B.V. stelde hoger beroep in bij de Raad van State.
De Raad van State toetste de toepassing van artikel 7.7 en 7.10 van het Bouwbesluit 2012. De Afdeling oordeelde dat de rechtbank terecht uitging van het deskundigenrapport van Fuecon en dat de aanvullende rapporten van Efectis en het Expertisecentrum niet tot een ander oordeel leiden. Ook is voldaan aan de eis van bereikbaarheid van de opslag vanaf twee tegenover elkaar liggende zijden. Het algemene verbod van artikel 7.10 is niet van toepassing omdat de specifieke voorschriften van artikel 7.7 en afdeling 2.10.2 van het Bouwbesluit de brandveiligheid voldoende waarborgen.
Het hoger beroep is ongegrond verklaard, waarmee de uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd. Het college hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep van Twentse Glasgroep B.V. wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.