ECLI:NL:RVS:2022:116
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- J. Hoekstra
- Rechtspraak.nl
Handhaving voorlopige voorziening tegen last onder dwangsom voor stikstofdepositie nabij Natura 2000-gebied
Het college van gedeputeerde staten van Overijssel legde op 27 juli 2020 aan verzoekster een last onder dwangsom op om haar activiteiten op een perceel nabij het Natura 2000-gebied Engbertsdijksvenen te staken of te beperken vanwege stikstofdepositie. Verzoekster maakte bezwaar en stelde beroep in tegen het besluit, maar deze werden ongegrond verklaard. De voorzieningenrechter had op 10 december 2021 een voorlopige voorziening getroffen waarbij de besluiten werden geschorst, omdat er geen tijd was om partijen te horen voor de datum waarop de dwangsom zou verbeuren.
In de procedure over de opheffing of wijziging van deze voorlopige voorziening stond centraal of de bedrijfsactiviteiten van verzoekster een toename van stikstofdepositie veroorzaken ten opzichte van een referentiedatum. Verzoekster betoogde dat een latere referentiedatum moet gelden en dat zij voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat haar activiteiten binnen de milieurechten vallen. Het college stelde dat het aandeel van verzoekster in de overschrijding van kritische depositiewaarden klein is.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de belangenafweging in dit stadium van de procedure moet plaatsvinden, waarbij de voortzetting van de bedrijfsactiviteiten slechts beperkte nadelige gevolgen zal hebben en het staken daarvan aanzienlijke gevolgen heeft voor verzoekster en haar personeel. Daarom werd de voorlopige voorziening gehandhaafd en het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: De voorlopige voorziening wordt gehandhaafd en het college wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.