ECLI:NL:RVS:2022:1235
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering omgevingsvergunning voor in/uitrit nabij invalidenoprit in Rotterdam
Appellant heeft een omgevingsvergunning aangevraagd voor het aanleggen van een in/uitrit naast zijn woning aan een locatie in Hoogvliet, gemeente Rotterdam, om zijn auto op eigen terrein te kunnen parkeren. Het college van burgemeester en wethouders heeft deze vergunning geweigerd, waarbij het belang van verkeersveiligheid en het uiterlijk aanzien van de omgeving zwaarder werd gewogen dan het parkeervoorzieningsbelang van appellant.
De rechtbank heeft dit standpunt bevestigd en het beroep van appellant ongegrond verklaard. Appellant voerde aan dat hij niet correct was opgeroepen voor de zitting en dat de belangenafweging onjuist was, onder meer omdat de verkeerssituatie niet gevaarlijk zou zijn en de lantaarnpaal verplaatst zou kunnen worden. De Afdeling bestuursrechtspraak heeft geoordeeld dat de oproeping rechtsgeldig was en dat appellant onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat een afhaalbericht niet is achtergelaten.
De Afdeling heeft het toetsingskader van artikel 2.12 van de APV Rotterdam 2012 toegepast en geoordeeld dat het college terecht heeft vastgesteld dat de realisatie van de in/uitrit op de huidige locatie de verkeersveiligheid schaadt en het uiterlijk aanzien van de omgeving aantast. Verplaatsing van de lantaarnpaal is niet mogelijk vanwege de functie ervan bij de invalidenoprit en de nabijheid van een kruising van voetpaden. De belangenafweging is daarmee in redelijkheid gemaakt.
Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Het college hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de weigering van de omgevingsvergunning voor de in/uitrit vanwege verkeersveiligheid en het uiterlijk aanzien van de omgeving.