ECLI:NL:RVS:2022:1619
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing nadeelcompensatie wegens wateroverlast na extreme regenval
Appellante exploiteert een melkveebedrijf in Goirle en vorderde nadeelcompensatie voor schade aan gras en snijmais door wateroverlast in mei en juni 2016. Zij stelde dat de wateroverlast het gevolg was van projecten die de afvoercapaciteit van de Poppelsche Leij verminderden, wat leidde tot inundatie van haar percelen.
Het dagelijks bestuur van het Waterschap De Dommel wees het verzoek af, stellende dat de schade veroorzaakt werd door extreme neerslag en niet door de projecten. De rechtbank bevestigde dit oordeel, waarbij zij concludeerde dat zelfs bij een maximale peilverhoging door de projecten de percelen ook zonder deze projecten zouden zijn overstroomd.
In hoger beroep handhaafde appellante haar standpunten, waaronder dat faunapassages, onderhoudsbeperkingen en kades de waterstand verhoogden. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat appellante onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de projecten het causale verband met de schade vormden. De afwijzing van het verzoek om nadeelcompensatie werd daarom bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van het verzoek om nadeelcompensatie wordt bevestigd.