ECLI:NL:RVS:2022:174
Raad van State
- Hoger beroep
- B.J. van Ettekoven
- E.A. Minderhoud
- G.O. van Veldhuizen
- Rechtspraak.nl
Herroeping intrekking toevoeging rechtsbijstand wegens onjuiste resultaatbeoordeling
De zaak betreft het hoger beroep van appellant sub 1 tegen het besluit van de raad voor rechtsbijstand om de aan haar verleende toevoeging voor rechtsbijstand in te trekken. De intrekking was gebaseerd op de overschrijding van de resultaatsgrens, waarbij de raad het resultaat van de scheidingsprocedure inclusief een erfenis van de oma van appellant sub 1 had betrokken.
De rechtbank had de intrekking bevestigd, stellende dat het saldo op een bankrekening waarop de erfenis stond onderdeel uitmaakte van het geschil en dat de raad de resultaatbeoordeling correct had uitgevoerd. Appellant sub 1 voerde in hoger beroep aan dat de erfenis niet tot het resultaat van de procedure behoorde omdat deze met een uitsluitingsclausule was verkregen en niet in geschil was geweest.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelt dat de raad de erfenis ten onrechte heeft betrokken bij de resultaatbeoordeling. De erfenis viel buiten de procedure waarvoor de toevoeging was verleend en was duidelijk privévermogen. Hierdoor werd de resultaatsgrens niet overschreden en was de intrekking van de toevoeging onterecht.
Het incidenteel hoger beroep van appellant sub 2 wordt niet-ontvankelijk verklaard. De Afdeling vernietigt de uitspraak van de rechtbank en het besluit van de raad en herroept het intrekkingsbesluit. De toevoeging blijft daardoor in stand. Tevens wordt de raad veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: De intrekking van de toevoeging rechtsbijstand wordt herroepen en de toevoeging blijft in stand.