ECLI:NL:RVS:2022:1761
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluiten handhaving horeca-activiteiten en gebruik toegang museum Beeld en Geluid Den Haag
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag wees verzoeken van omwonenden af om handhavend op te treden tegen horeca-activiteiten en het gebruik van de toegang van het museum Beeld en Geluid aan de Zeestraat 82 en De Ruijterstraat 67. De rechtbank verklaarde de beroepen van appellanten ongegrond. De appellanten stelden dat de horeca-activiteiten niet passen binnen het bestemmingsplan "Zeeheldenkwartier 2010" en dat het gebruik van de toegang niet is vergund.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelt dat het college ten onrechte heeft aangenomen dat de horeca-activiteiten binnen het bestemmingsplan passen. Ook is het gebruik van de toegang aan de zijde van De Ruijterstraat 67 niet vergund, noch in overeenstemming met de woonbestemming. De waarschuwingsbrief van de Haagse Pandbrigade en de omstandigheden ter plaatse geven aanleiding tot twijfel over de rechtmatigheid van de activiteiten.
De Afdeling vernietigt de uitspraken van de rechtbank en de besluiten van het college, verklaart de beroepen gegrond en bepaalt dat het college bij een nieuw besluit de activiteiten opnieuw moet beoordelen. Tevens wordt bepaald dat tegen nieuwe besluiten alleen bij de Afdeling beroep kan worden ingesteld. Het college wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan een appellant en tot vergoeding van griffierechten.
Uitkomst: De besluiten van het college tot afwijzing van handhaving worden vernietigd en de beroepen gegrond verklaard.